Slimme stad Gent zet de mens voorop

  • 5 oktober 2016

Stad Gent was één van de laureaten van de Slim-in-de-Stadprijs 2015. De stad legt de focus op de menselijke component in de stad van de toekomst, want slimme steden bestaan niet zonder hun slimme burgers. Een boutade waar Karl-Filip Coenegrachts, de strategisch coördinator van het Smart City Concept Gent, volledig van doordrenkt is. Samen met burgemeester Daniël Termont is hij de spreekbuis van hun innovatief stadsconcept.

Bij slimme steden kan een mens zich alles en tegelijk niets voorstellen. Kan je voor ons duiden waar het concept in Gent voor staat?

“Een Smart City mag niet louter een technologische stad zijn, want daar heeft enkele een kleine elite baat bij. Gent stelt de Smart City gelijk met de stad van de toekomst. Daarbij beklemtonen we vijf componenten. De toekomstvisie is de eerste component of de basis. Die verschilt uiteraard van stad tot stad, want elke stad heeft zijn eigen uitdagingen. Om die toekomstvisie te realiseren, brengen we alle actoren samen: de tweede component. Burgers spelen een belangrijke rol in Gent. Al sinds de Middeleeuwen zijn de Gentenaren de baas in hun stad. De adel bouwde het Gravensteen niet om de stad te verdedigen, maar wel om zichzelf te beschermen tegen de burgers. Een belangrijke nuance die we niet over het hoofd mogen zien.”

Goed, al mag ik hopen dat jullie het nu minder snel op een lopen moeten zetten dan toen. Wie valt zoal onder de noemer actor?

“De inwoners van Gent, de academici, de bedrijven, verenigingen… Al wie een stem heeft en kan bijdragen aan de stad van de toekomst. De derde component van Smart Cities vormen de data. Dat is de impliciete basis van alles. Data staan voor kennis, kennis voor de visie. Een vaak onderschatte component, maar voor mij staat die gelijk met macht. Daarom is het heel belangrijk dat een slimme stad die data ontsluit voor iedereen via een degelijk datamanagementstrategie. De vierde component is de technologie zelf. Die heeft een belangrijke impact op stadsontwikkeling. In de 19de eeuw was de trein hot, dus moest die tot in het hart van de stad doordringen. Na de tweede wereldoorlog nam de auto die plaats in, met de B401-snelweg (het verlengstuk van de E17 dat tot in de binnenstad loopt) als resultaat. Nu neemt het internet of things die rol over. Voor mij blijven het tijdsgebonden hulpmiddelen. Soms komt er eentje terug in een moderner jasje zoals bv. de bakfiets. Kortom, de toekomst ligt niet in de technologie zelf, maar in de inschakeling ervan in de samenleving.”

Hoe ga je te werk om al die elementen aan elkaar te koppelen?

“We werken aan een SmKarl-Filip Coenegrachts tijds uitreiking Slim in de Stad-prijs 2015art Governance, een slim bestuur. Dat is de vijfde component. De Smart Governance wijkt af van de oude ambtelijke en politieke mentaliteit, want een andere overheidsvisie is nodig om de actoren te verbinden met elkaar. De regelgeving, administratie en lokale overheid mogen geen belemmering betekenen voor innovatieve, creatieve oplossingen van maatschappelijke uitdagingen.”

Akkoord, maar hoe pak je dit in de praktijk aan?

“De eerste stap was de oprichting van Groep Gent, die bestaat uit het stadsbestuur, OCMW, politie, autonome gemeentebedrijven, de haven, … De lokale overheidsinstanties moeten zelf het goede voorbeeld geven door samen te werken en data uit te wisselen met elkaar. In 2012 lanceerden we het Ghent Living Lab. Dat is een netwerk waarin geïnteresseerde bedrijven, onderwijsinstellingen en burgers samen kunnen werken aan de verschillende uitdagingen van de slimme stad. Het is nu de ambitie om het living lab te vermaatschappelijken. Daarnaast beschikken we onder meer nog over een open dataportaal, een participatieplatform waarop burgers creatieve ideeën kunnen lanceren en een crowdfunding-platform om de realisatie van concrete ideeën te financieren.”

En die uitdagingen zijn legio vermoed ik. Wat zijn de topprioriteiten voor stad Gent?

“Voor ons zijn dat onder meer armoedebestrijding, klimaatneutraliteit, mobiliteit, geïntegreerde stadsontwikkeling & wonen, duurzame economie, veiligheid en een performante overheid.”

De prijsuitreiking vond een half jaar geleden plaats. Kunnen jullie al concrete realisaties voorleggen sindsdien?

“Het hangt ervan af wat je met concreet bedoelt. We hebben het concept de voorbije maanden hoofdzakelijk uitgedragen. Persoonlijk hecht ik veel belang aan de impact van het concept. Het netwerk van grote Europese steden Eurocities heeft onze visie overgenomen en goedgekeurd. Dit gebeurde in aanwezigheid van de vicevoorzitter van de Europese Commissie Maros Sefcovic. ICLEI, de internationale organisatie voor lokale overheden en duurzame stedelijke ontwikkeling, beschrijft wat Smart Cities zijn. Hun interpretatie baseert zich grotendeels op de Gentse invulling van het concept. Een hele eer.”

Absoluut. Maar wat met de Gentenaar zelf. Merkt die al verschillen tegenover vroeger?

“We doen actief beroep op onze Smart Citizens. Enkele voorbeelden. De stad wil een tijdelijke invulling geven aan leegstaande panden of verlaten sites. Burgers krijgen de mogelijkheid om ideeën aan te reiken. Co-creatie is ons sleutelbegrip. De komende weken lanceren we het burgerbudget voor grote innovatieve projecten. De stad voorziet daartoe 1,5 miljoen euro en hoopt een aantal pilootprojecten te realiseren samen met haar burgers. Het mobiliteitsforum en het burgerkabinet bewijzen ook al hun nut. Met deze instrumenten betrekken we experts en onze burgers bij de uitvoering, evaluatie én bijsturing van het ingrijpende circulatieplan.”

Daarnet benadrukte je al even het belang van een open politieke mentaliteit. Herken je nog valkuilen voor een slimme stad?

“Heel zeker. De huidige Wet op de overheidsopdrachten belemmert tot op zekere hoogte het grote maatschappelijke Ghent Living Lab. In sommige gevallen moet je snel kunnen doorschakelen, de wet laat dat niet helemaal toe. Samen met actoren zoals Agoria (de sectorfederatie van de technologische industrie in België) zoeken we uit hoe we met bedrijven kunnen samenwerken zonder de Wet op de overheidsopdrachten te overtreden. Desondanks konden we toch al enkele projecten opstarten om bijvoorbeeld mobiliteitsdata te capteren en uit te wisselen. De informatie die we via het project ‘Goe gefietst?’ binnenkrijgen zullen we gebruiken om de fietsinfrastructuur te verbeteren.”

Het innovatieve van jullie Smart City Concept steekt in het samenwerken, het co-creatieve element. Hoe zit het met het draagvlak? Staat elke Gentenaar achter de toekomstvisie?

“Dat is nooit de bedoeling geweest en kan je ook niet verwachten van al je burgers. We proberen met onze initiatieven in contact te komen met mensen en hopen ze zo ver te krijgen om mee te stappen in het grotere verhaal. Het is ook belangrijk dat ze weten dat ze ergens met hun vragen en opmerkingen terecht kunnen. We nemen ons voor om hen met de kracht van de gemeenschap (de community) snel van antwoord te dienen.”

Werken jullie samen met andere gemeenten of steden, los van de internationale contacten?

“Binnen het Kenniscentrum Vlaamse Steden (KCVS), dat de 13 Vlaamse centrumsteden en de VGC verenigt, wordt samengewerkt rond diverse thema’s. Het KCVS werkt nu aan het opzetten van een werking voor de komende 5 jaar waarbij we niet enkel kennis en good practices rond smart cities zullen uitwisselen, maar ook effectief tot samenwerking rond slimme projecten kunnen komen. Daarnaast bestaan er op dit moment al thematische samenwerkingsverbanden rond bijvoorbeeld smart energy.”

Als ik het dus goed begrijp, wisselen jullie nu vooral goede praktijken uit in plaats van echt samen te werken.

“Inderdaad. We hebben een heel goede uitwisseling van knowhow met bv. Mechelen. Zij kunnen heel goed op hun prioriteiten sturen. Het slimme plan van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest mag er ook wezen, net als de aanpak van de burgemeester van Genk. Over de taalgrens zien we heel sterk politiek leiderschap in Seraing. Ze werkten daar (via een Europees project) een overkoepelende visie uit over klimaatneutraliteit en energie-efficiëntie om u tegen te zeggen. Een inspiratiebron voor veel Vlaamse gemeenten. Ook Luik heeft heel veel goede projecten binnen specifieke beleidsdomeinen.”

Hoe zie je jullie rol naar andere gemeenten of steden toe?

“Gent kan andere gemeenten helpen bij het ontwikkelen van een toekomstvisie of om een set van prioriteiten te ontwikkelen.”

Gent is al een poosje bezig rond Smart Cities, maar jullie maakten beslist ook al fouten in het verleden waaruit je nu kan leren. Kan je er enkele opsommen?

“Bij de herinrichting van het Braunplein liep de politiek destijds een blauwtje op door niet helemaal rekening te houden met het resultaat van de raadpleging van de bevolking. Dat is voor ons een voorbeeld van een mislukt participatieproject. Nog een voorbeeld. Bij wijkdebatten regisseerden we de discussies vroeger te strak. We behandelden enkel de vooraf ingestuurde vragen. Die kwamen veelal van al overtuigde volgers. Vragen uit het publiek verwaarloosden we, waardoor we draagvlak misliepen. Nu werken we met andere methodieken en die capteren veel meer.”

Maakte de stad ooit foute keuzes?

“Ja. Ik geef een voorbeeld op technisch-infrastructureel vlak. De grootste stommiteit die we net als andere steden in het verleden begingen, was het verliezen van de controle over de netwerkinfrastructuur zoals bijvoorbeeld de kabel door die te verkopen. Het gevolg is dat we nu vastzitten in een duopolie van Telenet en Proximus. De derde weg (het gebruik van fiberkabels) mislopen we omdat geen van beide telecomreuzen daarin momenteel investeert. Dit technologisch deficit kan op termijn banen kosten, want sommige nichebedrijven zijn aangewezen op snelle en goedkope datatransfers naar het buitenland. Als het duopolie daar niet aan een competitief tarief in kan voorzien, dan is de keuze voor veel bedrijfsleiders snel gemaakt.”

Eén van de kritieken van de juryleden luidde dat jullie doelen onvoldoende meetbaar waren. Hoe springen jullie om met die kritiek?

“Het klopt dat we onze doelen op zich niet helemaal SMART formuleerden, maar we koppelen er wel duidelijke targets aan, waarbij we ons baseren op wat er al bestaat van indicatoren (bv. BBC-rapporten, de stadsmonitor, leefbaarheidsindicatoren, Europese en internationaal ontwikkelde basisindicatoren). Die dienen als inspiratiebron om zelf eigen indicatoren te ontwikkelen.”

Dat zullen onze collega’s van BBC graag lezen. Veel succes verder met het verslimmen van de stad.

Meer info:

Presentatie stad Gent tijdens uitreiking Slim in de Stad-prijs 2015