Slimme en stille distributie in Vlaamse steden

  • 8 januari 2016

Dagelijks bevoorraden vrachtwagens winkels. Ze rijden steden en gemeenten in en uit. Die ritten brengen heel wat hinder met zich mee, vooral in de vroege ochtend en de late avond. Om de impact van die activiteiten in te perken, lanceerde Flanders Logistics twee PIEK-proefprojecten. Ze onderzochten of een stille levering buiten de piekuren haalbaar is.

Instant succes

Verschillende steden namen deel aan dit project. Ze werkten samen met supermarktketens en andere partners om stille leveringen mogelijk te maken. Het vergde wel enige voorbereiding, onder meer technische ingrepen aan vrachtwagens, aangepast laad- en losmateriaal en bijgestelde laad- en losplaatsen. Chauffeurs en winkelpersoneel kregen een specifieke opleiding. De resultaten van de PIEK-proefprojecten waren positief :

  • de verkeersveiligheid verhoogde omdat het gemengd verkeer met zwakke weggebruikers en klanten afnam;
  • de omwonenden reageerden positief op de inspanningen om stil te leveren;
  • de leveringen gebeurden efficiënter en met een betere spreiding;
  • het brandstofverbruik daalde;
  • de uitstoot van schadelijke stoffen verminderde;
  • het bedrijfsimago verbeterde door het duurzame karakter van dit project.

Katrien Vandaele, mobiliteitsambtenaar bij de stad Oostende “De belangrijkste reden om deel te nemen aan de thematische sessies van het PIEK 2-project was de beslissing van de stad Oostende om in de nabije toekomst een distributiecentrum op te richten.   Maar, toegegeven, het oprichten van enkel een distributiecentrum lost de logistieke problemen niet op. Dat vereist een pakket aan maatregelen, die elkaar maximaal ondersteunen. Bij stedelijke distributie mag je je niet op één aspect vastpinnen. Je benadert het bij voorkeur vanuit verschillende hoeken tegelijk, met maximaal overleg tussen alle betrokkenen. Het distributiecentrum komt er zonder meer. We zoeken nu uit  hoe we de werking maximaal kunnen ondersteunen met andere maatregelen. We willen ook nader onderzoeken hoe we aspecten als afval- en bouwlogistiek beter kunnen organiseren, want zulke problemen los je niet op met een distributiecentrum. De komende weken en maanden zulen we mensen warm maken voor een geïntegreerd beleid.”

Milieukwaliteitsnormen

De PIEK-proefprojecten toonden aan dat leveringen met geluidsarm materiaal in de vroege ochtend en de late avond een toekomst hebben in Vlaanderen. Leveren in de dagrand is goed voor de economie, het milieu en de verkeersveiligheid. Maar de bepalingen uit VLAREM II lieten dit niet toe. Een wijziging van het wetgevend kader drong zich op om laden en lossen in de dagrand onder bepaalde voorwaarden toe te staan. De gedetailleerde akoestische meetgegevens uit PIEK 2 boden een uitweg. Voorlopig ligt de focus enkel op de grotere supermarkten met eigen laad- en losinfrastructuur.

Een goede voorbereiding loont

Bij het PIEK 2-project stond informatie-uitwisseling tussen de diverse stakeholders centraal, met o.a. stakeholderplatforms om de lokale dialoog te bevorderen. Hieronder staan enkele aandachtspunten opgelijst om tot een meer duurzame en slimme distributie te komen:

  • Dataverzameling: het verzamelen van gegevens (welke voertuigen veroorzaken overlast, wanneer is er al dan niet hinder, …) vormt de basis om de problemen met de stedelijke distributie goed in te schatten en een oplossing te vinden.
  • Dialoog met omwonenden en stakeholders: breng de aanwezige kennis en ervaring samen tijdens overlegmomenten om zo tot lokaal gedragen, logistieke oplossingen te komen.
  • Laad- en loszones: pak het tekort aan plaatsen aan door het noodzakelijke aantal correct in te schatten, een uniforme vorm te hanteren en meer controles door te voeren op foutief gebruik.
  • Venstertijden: een betere coördinatie van de venstertijden in naburige steden en gemeenten lost krappe leverperiodes op. Voldoende flankerende maatregelen, ‘stille’ leveringen in de vroege ochtend en de late avond en meer controles op inbreuken, dragen eveneens bij tot het welslagen van de logistiek.
  • Stedelijke distributiecentra: het inschakelen van een distributiecentrum vermindert de overlast van wegtransporten in een stadscentrum. Om die oplossing aantrekkelijker te maken kan een stad het goederentransport in het centrum terugdringen, bijvoorbeeld door te werken met venstertijden en lage-emissiezones. Het is belangrijk dat lokale overheden daarbij sturend en niet dwingend optreden. Communicatie is cruciaal.
  • Fietskoeriers: ondersteunende maatregelen zoals veilige fietspaden en een verkeersluwe binnenstad openen de weg voor fietskoeriers. Een duidelijk wettelijk kader met een uitgebreide definitie van een ‘fiets’ is onontbeerlijk.
  • Milieuvriendelijke voertuigen: de stedelijke verkeersdrukte en moeizame distributie lossen propere voertuigen niet op, maar ze verkleinen wel de impact op het milieu. De binnenscheepvaart is voor sommige steden een veilig en duurzaam alternatief. Maar dat geldt niet overal. Zeker niet wanneer het afleverpunt een eind van de kade verwijderd ligt.
  • Logistieke trends: een betere coördinatie binnen de bouwsector (tussen werven of tussen verschillende activiteiten op één werf) dringt het aantal transporten terug. E-commerce berokkent overlast met  vele kleine leveringen. Het voorzien van meer centrale afhaalpunten en een meerprijs voor levering aan huis verduurzaamt de elektronische handel.

Integrale benadering

Hoewel de voorgestelde maatregelen elk apart nuttig zijn, werken ze elkaar soms tegen. Zo zullen de meeste bedrijven het inschakelen van een distributiecentrum pas overwegen als een stad strenge venstertijden en lage-emissiezones invoert. Om de stedelijke distributie duurzaam aan te pakken, is een integrale benadering (die alle aspecten samen bekijkt) noodzakelijk.

Stadsbestuur Mechelen  “In Mechelen bleken de PIEK 2-stakeholdersworkshops een schot in de roos. De stad zocht manieren om de belevering in de autoluwe binnenstad beter te organiseren. De uitdagingen waarmee Mechelen kampt, vind je in veel centrumsteden terug. We willen zowel de winkelstraten als het historische centrum zo aantrekkelijk mogelijk maken, om de beleving te optimaliseren. Dat vereist een autoluwe binnenstad. Maar winkels, horecazaken en andere activiteiten moet je bevoorraden. De stakeholdersworkshops waren een manier om alle betrokkenen samen te brengen en te bekijken hoe we die bevoorrading beter kunnen organiseren. De meetings verzamelden een divers publiek: lokale besturen, de politie, handelaars, fietskoeriers, transporteurs, logistieke dienstverleners, sectororganisaties … Met hun terreinkennis en praktijkervaring zochten ze samen ideeën voor een vlotte, veilige en leefbare stedelijke distributie. Doordat de verschillende betrokkenen elkaar beter leerden kennen, kregen ze ook meer respect voor elkaar en meer inzicht in elkaars problemen. De deelnemers onderzochten samen de haalbaarheid van verschillende voorstellen rond stedelijke distributie. Welke voorwaarden moet je bijvoorbeeld vervullen om een distributiecentrum aan de rand van de stad haalbaar te maken? Hoe moet dat centrum er dan uitzien? En, hoe kunnen we het gebruik van fietskoerierdiensten bevorderen? We hebben nog geen concrete knopen doorgehakt, maar weten nu tenminste wel met wie we allemaal moeten overleggen om tot een breed gedragen oplossing te komen. Die onderlinge contacten vormen een belangrijke meerwaarde.

De stad Mechelen zal het stakeholdersplatform ook na het PIEK 2-project regelmatig samenroepen en mogelijks zelfs uitbreiden met andere belanghebbenden. Het duurzamer maken van onze logistieke stromen is een uitdaging waaraan we samen blijven werken.” Marie Delvaulx, duurzaamheidsmanager Delhaize ""Delhaize nam in 2011 deel aan het eerste PIEK-project en zegde opnieuw toe voor het vervolgtraject. “Wij engageerden ons van meet af aan voor de PIEK-projecten. Om elke dag verse producten in onze winkels te krijgen, is mobiliteit onmisbaar. Logistiek en transport vormen dan ook de ruggengraat van ons winkelnetwerk. Maar de vele files zorgen voor vertragingen, extra kosten en meer belasting voor het milieu. Daarom willen we onze transportactiviteiten zoveel mogelijk spreiden. Het PIEK 2-project onderzocht mogelijke pistes om het mobiliteitsvraagstuk in de toekomst op te lossen. Die doelstellingen kaderen perfect in ons duurzaamheids- en mobiliteitsbeleid.Voor het welslagen van PIEK 1 en PIEK 2 deden we vier inspanningen:

  • We kochten een CNG-trekker aan.

  • We pasten ons laad- en losmateriaal aan en kochten bijvoorbeeld stillere transpalletten.

  • We stelden onze laad- en loskades bij.

  • We leidden ons personeel extra op en sensibiliseerden hen.

De eerste resultaten zijn hoopvol. Het project biedt een duidelijke meerwaarde voor de verkeersveiligheid, mobiliteit, ecologie, transporttijden en het contact met de buurtbewoners. Voor Delhaize levert de nieuwe aanpak heel wat voordelen op. Een kort overzicht:

Het brandstofverbruik daalde significant bij leveringen in de dagrand. Een dieseltruck kan tot 13 procent brandstof uitsparen als hij niet in de spitsuren moet rijden. Bij een CNG-trekker loopt dat zelfs op tot 40 procent.

  • Leveringen buiten de openingsuren van de winkel verlopen efficiënter.

  • Een betere spreiding van de transporten maakt dat leveringen veel minder samenvallen.

  • De chauffeurs ervaren minder stress tijdens de werkuren.

  • Stille leveringen versterken het duurzame imago van de onderneming.

  • Het winkelpersoneel reageert overwegend positief. Goederen die ’s nachts toekomen, staan ’s ochtends meteen in de rekken. Niemand hoeft nog ongeduldig te wachten op een vrachtwagen die in de file staat.

  •  Als er klachten zijn over geluidshinder, bekijken we met de betrokken vestiging wat de oorzaak is, hoe het beter kan en welke stappen we kunnen ondernemen om het probleem op te lossen. Maar het PIEK 2-project heeft op geen enkel moment tot klachten geleid. Integendeel, de buurtbewoners reageren heel positief. Wij blijven zeker streven naar een optimale belevering. Hoe dat gebeurt, kan variëren. Onze logistieke strategie bepaalt dat we zoveel mogelijk de juiste middelen inzetten om onze leveringen optimaal aan te passen aan de lokale situatie van elke vestiging.”

Meer informatie:

Met dank aan  Technum en Flanders Logistics voor input voor het artikel.